Verwarm de oven voor op 200 °C.
Verdeel de braadkip in stukken.
Meng 1 eetlepel bloem met zout en zwarte peper en bestuif de stukken kip dun met het mengsel.
Smelt de helft van de boter in een braadpan en bak de kip rondom goudbruin.
Neem de kip uit de braadpan en houd apart.
Hak de helft van de champignons fijn en snijd de overige champignons in plakjes.
Voeg de fijngesneden champignons aan het achtergebleven braadvet toe en bak ongeveer 1 minuut.
Strooi de resterende bloem erover en roer goed door.
Schenk de melk geleidelijk erbij en blijf roeren tot een gladde champignonsaus ontstaat.
Laat de saus zacht koken tot hij licht gebonden is.
Breng op smaak met zout en zwarte peper.
Roer de Bourgognewijn of port door de champignonsaus.
Leg de stukken kip terug in de braadpan.
Verdeel de champignonplakjes rondom de kip.
Sluit de braadpan met het deksel en zet hem in de oven.
Laat de kip ongeveer 50 tot 60 minuten garen tot het vlees volledig gaar is.
Verdeel de kip en champignons over de borden en schep de saus erover.
Bestrooi vlak voor het serveren met paprikapoeder en peterselie.