Week de gelatineblaadjes ongeveer 10 minuten in ruim koud water.
Doe de rode port en rode wijn in een steelpan en laat op hoog vuur inkoken tot ongeveer 100 ml overblijft.
Was ondertussen de aardbeien en verwijder de kroontjes.
Snijd 300 g aardbeien in vieren en de overige 200 g in plakjes.
Voeg de suiker en de in vieren gesneden aardbeien aan het ingekookte port-wijnmengsel toe.
Breng opnieuw aan de kook en laat ongeveer 2 minuten zachtjes koken.
Pureer het aardbeienmengsel met een staafmixer of in een keukenmachine en wrijf de puree door een zeef.
Verwarm 2 eetlepels water in een kleine steelpan zonder het te laten koken.
Knijp de geweekte gelatine goed uit en los deze op in het warme water.
Roer de opgeloste gelatine zorgvuldig door de aardbeienpuree.
Schil de mango, verwijder de pit en snijd het vruchtvlees in dunne plakjes.
Schep een dun laagje aardbeiengelei in het cakeblik.
Verdeel hierover een laagje plakjes aardbei en dek af met een dun laagje gelei.
Leg daarop een laagje mango en schenk er opnieuw een dun laagje gelei over.
Herhaal de lagen met aardbei, mango en gelei tot het cakeblik gevuld is.
Dek de vorm af met plasticfolie en zet minimaal 1 nacht in de koelkast.
Houd het cakeblik voor het serveren heel kort in heet water.
Leg een platte schaal op het cakeblik, keer beide tegelijk om en laat de terrine voorzichtig uit de vorm glijden.
Snijd de terrine in plakken van ongeveer 1 tot 2 cm.
Leg per persoon 2 plakken op een bord en serveer met de resterende mango, een bolletje roomijs en een kleine toef slagroom.