Snijd de champignons doormidden en besprenkel ze direct met citroensap.
Kook de champignons ongeveer 1 minuut in de bouillon.
Zeef de bouillon en meet precies 2 dl af.
Houd 4 walnoten apart voor de garnering en snijd de overige walnoten in stukjes.
Smelt de boter in een pan.
Voeg de bloem in één keer toe en roer tot een glad mengsel ontstaat.
Voeg de afgemeten bouillon al roerend beetje voor beetje toe, zodat een gladde saus ontstaat.
Laat de saus ongeveer 2 minuten zachtjes doorkoken.
Verwarm de grill of oven voor op 200 °C.
Roer de champignons, stukjes walnoot, geraspte oude kaas en kerrie door de saus.
Leg de geroosterde sneetjes wittebrood op een bakplaat.
Verdeel over ieder sneetje een royale laag van de dikke champignonsaus.
Zet de bakplaat hoog in de oven of onder de grill en laat de kaas mooi kleuren.
Garneer ieder warm champignonbroodje met een halve walnoot.
Serveer direct op kleine bordjes.