Verhit een scheutje olijfolie in een ruime koekenpan en fruit de fijngesnipperde ui rustig glazig.
Voeg het gemengde gehakt toe en bak het rul en lichtbruin.
Roer de tomatenblokjes en tomatenpuree door het gehakt.
Schenk de rode wijn erbij en laat de bolognesesaus ongeveer 15 minuten zachtjes stoven.
Breng de saus op smaak met peper, zout en rozemarijn.
Smelt voor de witte saus de boter in een kookpan.
Voeg de bloem toe en roer tot een gladde roux.
Laat de roux kort garen zodat de rauwe bloemsmaak verdwijnt.
Schenk de melk geleidelijk erbij terwijl je voortdurend blijft roeren.
Laat de witte saus rustig indikken en breng op smaak met peper, zout en een snufje nootmuskaat.
Breng een pan water aan de kook en blancheer de jonge bladspinazie kort.
Laat de spinazie goed uitlekken en druk overtollig vocht er voorzichtig uit.
Bereid de groene lasagnevellen volgens de aanwijzingen op de verpakking wanneer voorkoken nodig is.
Verwarm de oven voor op 190 °C.
Vet een ruime ovenschaal licht in.
Bedek de bodem met een laag groene lasagnevellen.
Verdeel daarover een dunne laag witte saus en vervolgens een dunne laag bolognesesaus.
Verdeel een deel van de uitgelekte spinazie over de sauzen en bestrooi met een deel van de geraspte kaas.
Herhaal de lagen tot de lasagnevellen, bolognesesaus, witte saus, spinazie en kaas zijn verwerkt.
Eindig met saus en geraspte kaas zodat de bovenkant tijdens het bakken mooi kan gratineren.
Bak de lasagne ongeveer 40 minuten op 190 °C tot hij door en door heet en goudbruin is.
Laat de lasagne na het bakken 5 tot 10 minuten rusten voordat je hem aansnijdt.