Snijd de tuttifrutti in kleine stukjes en doe deze in een kom met het water en citroensap.
Laat de tuttifrutti 2 dagen afgedekt in de koelkast wellen.
Controleer na het wellen of eventuele stukjes appel en peer zacht genoeg zijn. Kook ze indien nodig kort en laat ze daarna volledig afkoelen.
Laat de tuttifrutti goed uitlekken.
Verwarm de oven voor op 200 °C.
Meng het amandelmeel, rijstmeel, de kaneel, het bakpoeder, de donkere basterdsuiker en de uitgelekte tuttifrutti in een ruime mengkom.
Klop de eiwitten met het zout stijf.
Roer in een andere kom de eidooiers los met de melk en zonnebloemolie.
Voeg het dooiermengsel aan het meelmengsel toe en roer kort door. Het beslag hoeft niet volledig glad te zijn.
Spatel het opgeklopte eiwit voorzichtig door het beslag zodat zo veel mogelijk lucht behouden blijft.
Verdeel het beslag over de muffinvormpjes en vul ze tot maximaal driekwart.
Bak de muffins ongeveer 20 minuten in het midden van de oven tot ze goudbruin en gaar zijn.
Laat de muffins na het bakken 5 minuten in de vorm rusten.
Haal ze voorzichtig uit de vorm en laat ze op een taartrooster verder afkoelen.