Spoel de mosselen zorgvuldig onder koud stromend water en verwijder eventuele baarden en beschadigde exemplaren. Gooi kapotte mosselen en mosselen die na een tik niet sluiten weg.
Laat de mosselen in ruim koud water staan terwijl je de saus voorbereidt.
Pel de uien en snijd ze fijn.
Maak de bleekselderij schoon en snijd hem in kleine blokjes.
Hak de peterselie fijn en houd een deel apart voor de garnering.
Smelt de boter op laag vuur en laat de ui en bleekselderij rustig smoren zonder ze te laten kleuren.
Voeg het grootste deel van de peterselie toe en roer door.
Giet de mosselen af en doe ze in een ruime kookpan.
Voeg het citroensap toe, sluit de pan en kook de mosselen op hoog vuur. Schud de pan tussendoor enkele keren om.
Kook tot de mosselschelpen openstaan en haal de pan van het vuur. Gooi mosselen die na het koken gesloten blijven weg.
Schep de mosselen in een ruime schaal en verdeel het warme ui-selderijmengsel erover.
Bestrooi met de achtergehouden peterselie en serveer direct.