Verwarm de oven voor op 190 °C.
Bestrijk de buitenkant van de braadkip met een deel van de boter.
Doe de resterende boter samen met de rozemarijn in de buikholte van de kip.
Breng de kip vanbinnen en vanbuiten op smaak met zout en zwarte peper.
Leg de kip op de rug in een braadpan en rooster haar ongeveer 20 minuten.
Bedruip de kip met het braadvocht en draai haar op één zijde.
Rooster nog ongeveer 20 minuten en bedruip opnieuw met het braadvocht.
Draai de kip op de andere zijde en rooster verder tot de kip volledig gaar en goudbruin is.
Neem de kip uit de oven en laat volledig afkoelen.
Bereid ondertussen het gelatinepoeder volgens de aanwijzingen op de verpakking met bijna kokend water.
Roer goed tot de gelatine volledig is opgelost en laat het mengsel afkoelen.
Verdeel de afgekoelde kip in nette porties en leg deze op een serveerschaal.
Laat de gelei afkoelen tot deze begint te verdikken maar nog vloeibaar is.
Schep een dunne laag gelei over de stukken kip.
Zet de schaal in de koelkast tot de gelei stevig is geworden.
Garneer vlak voor het serveren met verse waterkers.
Serveer de kip goed gekoeld.