Leg het bladerdeeg de dag voor de bereiding in de koelkast om langzaam te ontdooien.
Week de rozijnen eveneens een dag van tevoren in een beetje water of, voor extra smaak, in een beetje rode wijn.
Pel de uien en snijd ze fijn.
Verhit de olie in een koekenpan en bak de uien rustig zonder ze bruin te laten worden.
Voeg de suiker toe zodra de uien zacht zijn en laat ze licht karamelliseren. Breng op smaak met zout en zwarte peper.
Laat de rozijnen uitlekken en voeg ze toe wanneer de uien voldoende zacht en licht gekaramelliseerd zijn.
Haal het merg met een stevige punt uit de mergpijpen.
Doe het merg in een koekenpan en laat het rustig smelten.
Laat het gesmolten merg iets afkoelen tot het nog vloeibaar is.
Verwarm de oven voor op 200 °C.
Bekleed een bakvorm van 25 cm met het bladerdeeg en prik met een vork gaatjes in de bodem.
Verdeel het mengsel van ui en rozijnen over de deegbodem.
Giet het vloeibare merg gelijkmatig over de vulling.
Bak de taart ongeveer 30 minuten in de oven, tot het bladerdeeg gaar en goudbruin is.
Serveer de taart lauwwarm.